Geplaatst op 17 juli 2026, in Algemene zaken
In 2022 begon Esmee Wielinga als verzorgster bij Ruurlo 1, net aan de start van haar carrière als fysiotherapeut. Inmiddels zijn we een aantal seizoenen verder. Hoe heeft zij deze periode ervaren? Wat heeft ze geleerd, meegemaakt en wat is haar het meest bijgebleven? We blikken met haar terug én vooruit.
Terugblik op de start
Toen Esmee in 2022 begon bij Ruurlo 1, was dat vooral spannend. “Binnenvallen in een groep vol met heren als enige dame, waarbij je weinig van de jongens kent… dat vond ik best spannend,” vertelt ze. Toch bleek die spanning al snel onnodig. “Ik heb het alleen maar als hartstikke fijn ervaren. De jongens waren open en geïnteresseerd, ik werd betrokken en had een fijne vertrouwde staf om me heen om me op te vangen en wegwijs te maken.”
In het begin was het werk inhoudelijk nog zoeken. “Qua blessures was het toen nog wel even zoeken: wat pak ik zelf op en wanneer stuur ik iemand door naar een sportfysio met meer begeleiding en kennis? Maar na een tijdje krijg je daar steeds meer gevoel bij.”
Wat begon als een plek om ervaring op te doen binnen de voetbalsport, groeide uit tot meer dan dat. “Ik kwam om laagdrempelig ervaring op te doen en te kijken of sportfysiotherapie bij mij paste. Maar als ik nu terugkijk, heb ik er veel meer uitgehaald. Ik heb er zelfs vrienden aan overgehouden. Ook heb ik ontdekt dat ik meer plezier haal uit werken met kinderen dan met volwassenen – al liggen die doelgroepen soms dichter bij elkaar dan je denkt,” zegt ze met een knipoog.
Als ze terugdenkt aan haar debuut, overheerst een positief gevoel. “Ik vond het toen heel spannend en twijfelde regelmatig aan mijn eigen vaardigheden en of ik die verantwoordelijkheid wel kon dragen. Maar uiteindelijk kijk ik er goed op terug.”
Ontwikkeling
Sinds haar start bij onze club heeft Esmee niet stilgezeten. “Ik ben vorig jaar juni (2025) afgestudeerd voor mijn Master Kinderfysiotherapie en werk sinds 2024 bij An&Co Kinderfysiotherapie in de gemeenten Berkelland, Bronckhorst en Lochem.” Daar behandelt ze een brede doelgroep. “Ik zie alle klachten, revalidaties en motorische vragen bij kinderen van 0 tot 18 jaar. Dat vind ik ontzettend leuk. Vanuit mijn werk ben ik nu ook betrokken bij vv Ruurlo met een spreekuur voor de jeugd.”
Haar tijd bij vv Ruurlo heeft daarin een belangrijke rol gespeeld. “Het heeft enorm bijgedragen aan mijn ontwikkeling. Je ziet vaker bepaalde klachten, herkent patronen sneller en weet beter welke behandeling je moet inzetten. Daarnaast is mijn professionele netwerk veel groter geworden, en dat gebruik ik nu nog steeds in mijn werk als kinderfysiotherapeut.”
Ook op communicatief vlak groeide ze. “Je leert hoe je iets overbrengt en duidelijk uitlegt. Omdat ik hier laagdrempelig kon oefenen, met minder druk – vooral vanuit mezelf – kon ik dat makkelijker meenemen naar mijn werk, en andersom.”
De manier waarop ze naar blessures kijkt, is deels veranderd. “Ik vind het nu makkelijker om aan te geven als ik iets niet weet of als iemand beter af is bij een andere fysiotherapeut. In het begin had ik het gevoel dat ik me moest bewijzen. Verder zijn mijn adviezen en behandelingen in de basis hetzelfde gebleven, al heb ik nu meer variatie en kan ik het beter voetbal-specifiek maken.”
Rol bij vv Ruurlo
Tegenwoordig is Esmee breed betrokken binnen de club. “Ik ben verzorger bij de selectie senioren (Ruurlo 1, 2 en O-19). Bij de jeugd ben ik betrokken via een sportspreekuur waar ouders hun kind voor kunnen aanmelden. Daarnaast denk ik mee bij vragen, zoals het controleren en aanvullen van EHBO-koffers of advies rondom blessures en trainingsopbouw.”
Hoewel ze niet in het veld staat, voelt ze zich absoluut onderdeel van het team. “Dat ervaar ik als heel goed. De spelers zijn ontzettend open en toegankelijk – dat was vanaf het begin zo en is nog steeds zo. Ik heb me altijd thuis gevoeld en nooit onveilig. Je hoeft niet in het veld te staan om bij dit team te horen, en dat is heel fijn.”
De samenwerking met spelers en staf verloopt soepel. “Tuurlijk zijn er spelers die soms niet blij zijn met een advies of iets anders kiezen, maar dat is prima. Ik ben geen politieagent, ik ben fysio/verzorger. Neem mee wat voor jou werkt, dat is het belangrijkste.”
Ook de spanning tijdens wedstrijden is haar niet vreemd. “Dat helaas wel ja,” lacht ze. “Vooral het laatste deel van afgelopen seizoen zat ik niet rustig op de bank. Ik voel die betrokkenheid echt en kan ’s ochtends best nerveus zijn voor een wedstrijd.”
Met de druk en verantwoordelijkheid leert ze steeds beter omgaan. “Elk jaar gaat dat beter. Ik praat er makkelijker over met de staf en weet bij wie ik terecht kan. Dat geeft rust. Bij heftige situaties blijft het lastig, maar gelukkig hebben we dat – even afkloppen – nog niet echt meegemaakt.”
Wat haar rol zo leuk maakt? “De gezelligheid van de club. Je kan met iedereen een praatje maken en de mensen zijn altijd vrolijk en geïnteresseerd… meestal dan,” zegt ze lachend.
Hoogte- en dieptepunten
Een moment dat haar altijd zal bijblijven, is uit haar eerste jaar. “De laatste wedstrijd om handhaving tegen Saasveldia op het KST. Die spanning, de mensenmassa die kwam aanmoedigen en de ontlading na afloop… dat was echt een prachtig moment.”
Maar er waren ook uitdagende periodes. “Dit seizoen als geheel misschien wel,” zegt ze eerlijk. “De hoeveelheid en aard van blessures waren pittig. Drie kruisbandblessures in één seizoen binnen één team is echt heftig. Dan ga je ook reflecteren op jezelf: wat had ik beter kunnen doen, wat kunnen we anders trainen om dit te voorkomen? Maar daar heb ik nog niet helemaal een antwoord op. Er spelen zoveel factoren mee.”
Daarnaast blijven acute situaties haar bij. “Momenten waarop iemand in ademnood is en niet goed kan ademen, vind ik heftig. Je moet snel handelen terwijl er van alles om je heen gebeurt, en je eigen emoties moet je even opzij zetten. Gelukkig komt dat niet vaak voor.”
Vooruitkijken
Als het gaat om het voorkomen van blessures, ziet Esmee dat de oplossing niet altijd eenvoudig is. “Als ik eerlijk ben: leefstijl, werkdruk en stress spelen een grotere rol dan we denken. Maar dat zijn lastige, niet-grijpbare factoren. Verder denk ik dat goed blijven trainen in de zomerstop belangrijk is, zodat je mentaal en fysiek sterk aan het seizoen begint.”
Wat betreft haar eigen ambities binnen de voetbalsport is ze realistisch. “Heel eerlijk: niet per se. Training geven aan jongere kinderen vond ik altijd leuk, maar daar heb ik nu geen ruimte voor. En ik heb ook niet echt het voetbalinzicht om dat goed te doen,” zegt ze lachend. “Maar zeg nooit nooit.”
Afsluiting
Met een paar seizoenen ervaring heeft Esmee haar plek bij onze club duidelijk gevonden. Wat begon met spanning, is uitgegroeid tot zelfvertrouwen en betrokkenheid. Met haar inzet voor zowel selectie als jeugd is ze een waardevolle kracht binnen de club.
























